De geschiedenis van anabole steroïden – Deel 1


In de wereld van de sportieve prestaties rust op het gebruik van anabole steroïden als prestatieverhogend middel al decennia lang een taboe. Er is bovendien zo enorm veel (tegenstrijdige) informatie over dit onderwerp beschikbaar, dat we door de bomen het bos haast niet meer zien. Als we er al een mening over hebben, is deze meestal gevormd door wat de media ons vertellen en door wat we van anderen horen. In dit artikel gaan we eens wat dieper in op de werkelijke geschiedenis van anabole steroïden in de 20e eeuw.

Anabole steroïden, wat zijn dat eigenlijk?

Anabole steroïden zijn chemische varianten van het mannelijke geslachtshormoon testosteron, een hormoon dat het lichaam zelf aanmaakt. Mannen produceren er zo’n 7 mg per dag van en vrouwen ongeveer 0,5 mg per dag. Testosteron heeft niet alleen invloed op het libido van beide seksen, het heeft op mannen bovendien een androgene (vermannelijkende) en anabole (spieropbouwende) werking. Dit is duidelijk zichtbaar bij jongens in de pubertijd; hun natuurlijke testosteronproductie neemt toe, met een zwaardere stem, lichaamsbeharing en een toenemende spiermassa tot gevolg. De synthetische anabole steroïden bootsen de werking van testosteron na.

Een zoektocht naar verjonging en vitaliteit

Aan het einde van de negentiende eeuw, zocht de wetenschap naar een middel dat kon zorgen voor verjonging en vitaliteit. In 1889 injecteert de neuroloog Charles-Edouard Brown-Sequard zichzelf met een vloeistof, verkregen uit de testikels van vers gedode cavia’s en honden. Hoewel hij enthousiast is over de werking van de liquide testiculaire (hij voelt zich daadwerkelijk jonger), heeft het alleen bij structureel gebruik een blijvend effect. Deze sensationele bekendmaking zet vele andere wetenschappers ertoe aan om verder onderzoek naar de geslachtshormonen te doen. Artsen beginnen alom met het injecteren van soortgelijke vloeistoffen, zoals de Oostenrijkse fysioloog Oskar Zoth, die het met een extract van stierentestikels probeert. Omdat hij meer wil weten van het effect dat deze middelen hebben op de spiermassa, stelt hij in 1896 dat verder onderzoek bij voorkeur onder sportmensen zou moeten plaatsvinden. Het zou immers hun prestaties kunnen verhogen, als het werkte.

Het blijft niet bij het gebruik van dierlijke extracten alleen. Zo worden er hormoonafscheidende klieren geïmplanteerd in mannen en vrouwen om ze hun vitaliteit terug te geven en de Russische arts Serge Voronoff transplanteert in 1920 zelfs de testikels van een jonge aap naar een oude man. Zijn bewering dat deze hierdoor verjongt en ook meer spiermassa ontwikkelt, vindt gretig aftrek onder duizenden rijke, oudere mannen, die zich in de jaren daarna laten injecteren met apenklieren, in de hoop weer jong, vitaal en gespierd te worden.

Uit zowel de urine van mannen als uit het weefsel van runderen wordt in 1927 een stof geëxtraheerd die ‘mannelijk hormoon’ wordt genoemd. Na testen op gecastreerde hanen, varkens en ratten blijkt het de vermannelijkende werking te hebben waarop men hoopt. Het isoleren van het hormoon is echter tijdrovend en er is onvoldoende van beschikbaar om het middel op grote schaal te testen. Wel komt het extract als preparaat op oliebasis op de markt.

De jaren ’30 en de ontdekking van testosteron

De jaren ’30 – ’50 worden ook wel ‘The golden age of steroid chemistry’  genoemd en dat is niet voor niets. Wereldwijd wordt er door wetenschappers onderzoek gedaan naar geslachtshormonen en er worden belangrijke mijlpalen behaald.

In 1934 slaagt men er aan de Universiteit van Amsterdam in om het pure, mannelijke hormoon (testosteron) uit rundertestikels te onttrekken. Van de drie farmaceutische giganten indertijd (Schering, Organon en Ciba), heeft het Nederlandse Organon de primeur: in 1935 weten zij het hormoon volledig te isoleren en noemen het ‘testosterone’, een samenstelling van de woorden testicles, sterol en ketone.

De structuur van het hormoon wordt uitgewerkt door Adolf Butenandt van Schering en nog in datzelfde jaar weet de Kroatische biochemist Leopold Ruzicka (in samenwerking met het Zwitserse Ciba) het hormoon testosteron te synthetiseren uit cholesterol. Voor deze bijzondere prestaties zullen zowel Butenandt als Ruzicka in 1939 de Nobelprijs voor Chemie ontvangen.

Nu kunstmatige testosteron op grote schaal geproduceerd kan worden, lijken de mogelijkheden onuitputtelijk. “Alle homoseksuelen ter wereld kunnen worden genezen en alle oude mannen zullen weer vitaal worden”, schrijft het weekblad Time Magazine enthousiast, in september 1935. Er zijn echter nog wel wat hobbels te overwinnen. Omdat testosteron in zijn pure vorm slechts een korte werking heeft en met grote regelmaat toegediend zou moeten worden om blijvend effect te hebben, blijft de wetenschap zoeken naar manieren om de werkzaamheid ervan te optimaliseren. Daarnaast wordt gezocht naar minder vervelende toedieningsvormen dan injecteren.

Voor het grote publiek

In 1937 introduceert de Duitse fabrikant Schering het middel Testoviron, dat tot aan de jaren ’60 wereldwijd een van de meest gebruikte testosteronvarianten zal blijven. Testoviron is de merknaam van een testosteronpreparaat met de werkende stoffen  testosteronpropionaat en testosteronenantaat, organische verbindingen (esters) van testosteron. Het heeft sterk verbeterde eigenschappen ten opzichte van de pure vorm, zoals een gecontroleerde afgifte en dus stabielere bloedwaarden. Aanvankelijk produceert Schering alleen ampullen bedoeld voor onderzoek, maar al spoedig wordt het product commercieel uitgebuit en er is een kartel-afspraak tussen de farmaceuten Schering en Glidden voor nodig om de concurrentie uit te sluiten.

Een jaar later wordt een gel op de markt gebracht die testosteronpropionaat bevat, en die bij opsmeren wonderen verricht. The Lancet meldt dat impotente mannen er hariger en gespierder van worden en volgens Time Magazine ontwikkelen sommigen zelfs het lichaam van een bokser. Ook het gebruiksgemak van smeren ten opzichte van injecteren wordt als positief ervaren.

Er wordt geëxperimenteerd met het injecteren van testosteron op mannen die vanwege een medische oorzaak geen geslachtshormoon meer kunnen aanmaken en hoewel de effecten positief zijn, verdwijnen deze zodra de toediening wordt gestopt. Het Britse Lister Institute doet in 1938 proeven met testosteron op ratten en ontdekken dat testosteron de penis laat groeien, maar de testikels doet krimpen. De diertjes werden potenter maar niet vitaler; een zorgwekkend effect dat in Time Magazine als “medisch ongewenst” werd omschreven…

Lees binnenkort verder in “De geschiedenis van anabole steroïden – Deel 2


Bovenstaand artikel is niet geschreven om het gebruik van anabole steroïden te stimuleren. Bij Lucardie Health & Fitness staan we voor een gezonde levensstijl, waarin deze middelen niet thuishoren. Hoewel we geen ethische bezwaren tegen anabole steroïden hebben, raden wij vanwege de vele negatieve bijwerkingen het gebruik ervan nadrukkelijk af.

Comments

comments